#

In 2015 viert L.A.N.X. Studentencorps aan de Vrije Universiteit, net als de VU zelf, haar 135-jarig bestaan. Een kleine geschiedenis.

Ab Flipse

Over de studententijd kun je een leven lang sterke verhalen vertellen. Zet een groep reünisten bij elkaar en de anekdotes over het verenigingsleven buitelen over elkaar heen. Dat maakt historisch onderzoek naar het studentenleven een aangename bezigheid. Maar het maakt het ook weleens lastig om ‘Wahrheit’ van ‘Dichtung’ te onderscheiden. Wanneer je als historicus enige afstand neemt van de stoere verhalen is het mogelijk patronen te ontdekken. Dan blijkt bijvoorbeeld dat de geschiedenis van L.A.N.X., het ‘Studentencorps aan de Vrije Universiteit’, in de afgelopen 135 jaar overeenkomt met die van andere corpora, maar dat het tegelijkertijd een heel eigen karakter heeft gehad.

135 jaar terug in de tijd

De geschiedenis begint 135 jaar geleden: vijf studenten startten een studie aan de Vrije Universiteit. De universiteit werd op 20 oktober 1880 officieel geopend in de Nieuwe Kerk, alwaar de eerste rector Abraham Kuyper een toespraak hield onder de titel ‘soevereiniteit in eigen kring’. De studenten kregen college van vijf hoogleraren, voornamelijk theologen. Hoewel er kon worden afgestudeerd in de theologie, rechten en letteren, moesten de examens voor de laatste twee faculteiten nog eens worden ‘overgedaan’ aan een andere universiteit. Dat bleef nodig totdat de VU in 1905 het ‘civiel effect’ kreeg: de maatschappelijke erkenning van de graden

Oratorische Vereniging

De eerste lichting VU-studenten richtte meteen een vereniging op: de ‘Oratorische Vereniging Da Costa’, kort daarna omgezet in de vereniging ‘Soli Deo Gloria’. In de navolgende decennia kwamen echter twee partijen tegenover elkaar te staan. De vraag was of alle VU-studenten lid mochten worden, een ‘generaal’ corps, of slecht zij die persoonlijk hun instemming met de grondslag van de VU betuigden, een ‘speciaal’ corps. Het verschil van mening liep zo hoog op dat er tussen 1896 en 1901 twee verenigingen bestonden. In 1901 werd de eenheid echter hersteld en bestond er één ‘Studentencorps aan de Vrije Universiteit’ onder de zinspreuk ‘Nil Desperandum Deo Duce’ (NDDD), met verschillende ‘oratorische verenigingen’, disputen.

Verzuiling

De oprichting van de VU en van het corps aan de VU passen bij een bredere trend aan het eind van de eeuw: de verzuiling. Gedurende een groot deel van de negentiende eeuw waren bijna alle studenten lid van het plaatselijke studentencorps, waaraan een belangrijke vormende waarde werd toegekend. Aan het eind van de eeuw groeiden de studentenaantallen en gingen nieuwe groepen studeren. Deze studenten voelden zich vaak niet thuis bij de corpora óf konden zich een lidmaatschap niet veroorloven. De studentengemeenschap viel uiteen. Er ontstonden gereformeerde (SSR) en katholieke studentenverenigingen, waaronder de vereniging ‘Sanctus Thomas Aquinas’ in Amsterdam, en alternatieve ‘neutrale’ verenigingen zoals Unitas. Met de stichting van de gereformeerde VU ging dit proces nog een stapje verder. Het betekende overigens niet dat er geen contact was tussen de ‘zuilen’, en evenmin dat de verenigingen langs elkaar heen leefden. Men ontmoette elkaar op allerlei niveaus in het Amsterdamse studentenleven. Het roemruchte gevecht om het biervat op het Museumplein, tussen het VU-corps en ‘Thomas’, was hiervan een ludieke uitdrukking. Het VU-corps heeft de tijd overigens beter doorstaan dan Thomas, dat in 1980 ten onder ging. De ironie wil dat L.A.N.X. tegenwoordig is aangesloten bij het Aller Heiligen Convent, dat zijn oorsprong vindt in het samenwerkingsverband van katholieke studentenvereniging waar ‘Thomas’ ooit bij was aangesloten.

Eerste vrouwelijke corpslid

In 1905 meldde de eerste vrouw zich als student bij de VU en als lid van het corps: mejuffrouw S.L. ‘t Hooft. Dit had wel wat voeten in de aarde: de gereformeerde mannenbroeders hadden aanvankelijk moeite met dit ‘revolutionaire’ idee. Uiteindelijk kon ’t Hooft toch aan haar studie beginnen en sloot zij zich aan bij dispuut IUMBO. Lange tijd was ’t Hoofd de enige vrouw op de universiteit; pas in 1917 werd de tweede studente toegelaten. Daarna begon het aantal vrouwelijke studenten op de VU en binnen het corps geleidelijk te groeien. Aanvankelijk werden zij lid van de bestaande disputen, maar in de jaren dertig werden de eerste vrouwendisputen opgericht bij NDDD. Later, in 1946, zouden de wegen van de mannen en vrouwen scheiden en werd de ‘Vereniging van Vrouwelijke Studenten aan de Vrije Universiteit’ (VVSVU) opgericht, met een eigen clubhuis.

De naam L.A.N.X

Ondertussen kreeg de sociëteit van het Corps aan de Korte Leidsedwarsstraat 14-3 de naam L.A.N.X. Tweeëntwintig jaar later, in 1970, fuseerden het Corps en VVSVU tot s.v. I.A.N. (Institutio Amicitiae Nostrae), waarbij ook een nieuwe sociëteit werd betrokken. Deze kreeg opnieuw de naam L.A.N.X. In die periode veranderde er veel aan de Nederlandse universiteiten. Studentenaantallen explodeerden; schaalvergroting en nieuwe bestuursstructuren waren het gevolg. Het proces van ontzuiling en secularisatie had bovendien grote gevolgen voor de VU. Ook voor de traditionele studentenverenigingen waren de jaren zeventig een zoekende tijd: zij probeerden zich in een nieuwe constellatie opnieuw uit te vinden, met meer of minder succes. I.A.N. werd in 1986 weer ‘Studentencorps aan de Vrije Universiteit’ en in 1997 werd de ‘roepnaam’ L.A.N.X. aangenomen, naar de al bekende naam van de sociëteit. Het VU-corps wist zich te herpakken en hoewel het studentenleven niet meer als voorheen werd gedomineerd door de verenigingen, ging het corps een nieuwe bloeitijd tegemoet.


Literatuur en archief

Een integrale geschiedenis van het ‘Studentencorps aan de Vrije Universiteit’ moet nog geschreven worden. De archieven van het corps en van enkele oratorische verenigingen berusten bij het Historisch Documentatiecentrum voor het Nederlands Protestantisme van de VU, waar ze, na toestemming van de archiefvormer, voor onderzoeksdoelen kunnen worden ingezien. (www.hdc.vu.nl/nl/collectie/archieven).

Ab Flipse is universiteitshistoricus aan de VU

Ook verschenen in:Larinx, lustrumeditie 2015